De oudedagsreserve

 

Er is in de pers regelmatig veel te doen over het pensioen van de zelfstandig ondernemer. Met of zonder personeel. De oudedagsreserve is een fiscale regeling om wat geld weg te zetten voor later. Wat is het precies, hoe werkt en wat is de grote valkuil?

 

Wat is het?

Als u ondernemer bent voor de inkomstenbelasting, voldoet aan het urencriterium (1.225 uur per jaar) en aan het begin van het kalenderjaar de AOW-leeftijd ( 2016: 65 jaar en 6 maanden) nog niet heeft bereikt, dan kunt u gebruik maken van de oudedagsreserve.

 

De oudedagsreserve is een fiscale regeling waarmee u jaarlijks een stukje van uw winst op zij mag zetten voor uw oudedag. In de jaren waar u gebruik maakt van de oudedagsreserve, vermindert u uw winst en betaalt u minder belasting.

 

Het is een uitstel van belastingheffing

Op het moment dat u stopt met ondernemen wordt de oudedagsreserve opgeheven en wordt  het opgebouwde bedrag aan oudedagsreserve bij uw inkomen geteld. Op dat moment moet u alsnog afrekenen met de Belastingdienst. U betaalt dan belasting over het hele bedrag aan oudedagsreserve wat u in al die jaren heeft opgebouwd.

 

Hoe werkt het?

U bepaalt. Jaarlijks kunt u in de aangifte inkomstenbelasting aangeven of dat u gebruik wilt maken van de oudedagsreserve. U mag helemaal zelf weten of u hier jaarlijks aan mee doet.

 

Er geldt een maximum. Voor het aangiftejaar 2016 mag u 9,8% van uw 'winst uit onderneming' reserveren tot een maximum van € 8.774. Eventuele pensioenpremies die u ten laste van de winst heeft gebracht, moet u van de reservering aftrekken. Daarbij mag de totale oudedagsreserve door de dotatie niet boven het ondernemingsvermogen uitkomen.

 

(Doteren wil zeggen dat er jaarlijks een bedrag in de kosten geboekt wordt. Omdat er dan nog geen sprake is van een daadwerkelijke uitgave, wordt dit bedrag opzij gezet in een zogenaamde voorziening).

 

Een voorbeeld

Stel, u heeft in 2016 een fiscale winst van € 50.000.

 

Situatie 1

  • Stand van de oudedagsreserve op 1 januari 2016 is: € 10.000.
  • Uw ondernemingsvermogen op 31 december 2016 bedraagt € 20.000.
  • U mag voor 2016 9,8% x € 50.000 = € 4.900 toevoegen aan de oudedagsreserve.
  • Hiermee verlaagt u uw winst in 2016 met € 4.900.
  • Over die € 4.900 hoeft u dit jaar dus geen belasting te betalen.

 

Situatie 2

  • Stand van de oudedagsreserve op 1 januari 2016 is: € 15.000.
  • Uw ondernemingsvermogen op 31 december 2016 bedraagt € 12.000.
  • U mag voor 2016 geen toevoeging doen aan de oudedagsreserve omdat de oudedagsreserve reeds boven het ondernemingsvermogen uitkomt.

 

Hoeveel bedraagt uw ondernemingsvermogen?

Voor toepassing van de oudedagsreserve, moet dus het ondernemingsvermogen worden bepaald. Soms is dat nog niet zo eenvoudig. Laat u daar bij helpen door uw administratiekantoor.

 

Het ondernemingsvermogen wordt namelijk bepaald zonder:

 

  • de kostenegalisatiereserve;
  • de herinvesteringsreserve;
  • de bij terugkeer uit een BV positieve en negatieve terugkeerreserves; en
  • bestanddelen en reserves van een buitenlandse onderneming of vaste inrichting.

 

Wat is het voordeel?

Rente- en liquiditeitsvoordeel. De belastheffing wordt verschoven naar de toekomst. Dit levert u een rente en een liquiditeitsvoordeel op. Omdat u niet verplicht bent om het bedrag daadwerkelijk in te leggen in een spaarrekening, blijft het geld beschikbaar voor gebruik in uw onderneming.

 

Lager belastingtarief. Een ander voordeel kan zijn dat als u nu in het hoogste belastingtarief valt van 52% u ten tijde dat u stopt met ondernemen in een lagere belastingtarief valt, omdat u bijvoorbeeld minder inkomen heeft of omdat u de AOW-leeftijd heeft bereikt.

 

Let op deze valkuil

Alleen reserveren op papier. Een van de gevaren is dat de oudedagsreserve slechts gebruikt wordt om de fiscale winst te drukken om zo minder belasting te hoeven betalen. De reservering vindt dan ook vaak alleen op papier plaatst. Op het moment dat men bijvoorbeeld stopt met ondernemen moet er ook over de oudedagsreserve afgerekend worden met de Belastingdienst.

 

Een lijfrente kopen? Dit kunt u voorkomen door voor het opgebouwde bedrag aan oudedagsreserve een lijfrente te kopen. De oudedagsreserve wordt weliswaar bij uw inkomen geteld, maar het bedrag van de aankoop van de lijfrente is aftrekbaar.

 

Geen liquide middelen. Echter als er in werkelijkheid geen bedrag is gespaard en er verder geen liquide middelen zijn kan er een behoorlijke belastingschuld ontstaan, tot wel 52% van het opgebouwde bedrag aan oudedagsreserve!

 

Tip. Als u meedoet aan de oudedagsreserve, zet dat bedrag dan ook werkelijk op een spaarrekening waar u niet aan komt.

 

Wat als de oudedagsreserve hoger is?

Stel nu dat u verlies heeft geleden, waardoor uw ondernemingsvermogen is gedaald. Het meerdere hoeft dan niet vrij te vallen in de winst.

 

Let op. Doet zich echter één van onderstaande situaties voor, dan moet het bedrag wat meer is als het ondernemingsvermogen wél vrijvallen in de winst:

 

1. als u de onderneming geheel of gedeeltelijk staakt;

2. als u op 1 januari van het kalanderjaar de AOW-leeftijd heeft bereik; en

3. als u dit kalenderjaar en het vorige kalenderjaar niet aan het urencriterium voldoet.

 

De oudedagsreserve is een boekhoudkundige reservering van een deel van uw winst, waardoor belastingbetaling wordt uitgesteld. Zo zet u wat weg voor later. Door een lijfrente te kopen of geld weg te zetten op een spaarrekening, voorkomt u dat geen geld heeft en met een hoge belastingschuld wordt geconfronteerd. Wij adviseren u graag met deze oudedagsreserve.